Printer Friendly Version

ADDITIEVEN

Het veelzijdige gebruik van PVC berust op de gunstige eigenschappen van het polymeer dat door middel van het verwerkingsproces en de toevoeging van additieven op maat kan worden gemaakt. Op die wijze ontstaat een groot aantal PVC-types met uiteenlopende eigenschappen. De mechanische eigenschappen van PVC kunnen via de gerichte toevoeging van weekmakers worden aangepast van zeer stijf tot zacht. PVC kan door toevoeging van allerhande kleurstoffen worden ingekleurd.

De belangrijkste additieven die bij de verwerking van PVC worden gebruikt, zijn

1. Stabilisatoren

Wanneer kunststoffen worden blootgesteld aan hoge temperaturen, oxiderende chemicaliën of UV-licht, kan er afbraak en degradatie optreden. Stabilisatoren zorgen ervoor dat kunststoffen ook in die omstandigheden stabiel blijven. De keuze van stabilisator hangt af van de toepassing alsook de technische vereisten van het product, de wetgeving en de kostprijs. Er zijn in principe 2 soorten stabilisatoren namelijk primaire en co-stabilisatoren.

De meest gebruikte primaire stabilisatoren zijn derivaten van calcium, tin of zink. Er worden tegenwoordig ook organische stabilisatoren gebruikt in sommige toepassingen. Co-stabilisatoren zorgen voor een verdere verhoging van de stabiliteit van PVC.

Stabilisatoren worden in het PVC geïmmobiliseerd en komen niet vrij onder invloed van weer en wind.

2. Weekmakers

PVC is van nature een hard materiaal. Door toevoeging van weekmakers wordt het materiaal flexibel. Zo ontstaat zacht PVC dat een ruim toepassingsgebied kent zoals verpakkingen, kabels, tuinslangen, … . Daarnaast worden weekmakers ook gebruikt in toepassingen zoals verven, rubberproducten en sommige cosmetica.

De meest gebruikte weekmakers in PVC zijn organische esters met een hoog kookpunt zoals ftlataten, adipaten en organofofaten. Veruit het meest gebruikte zijn DINP (di-isononylftalaat) en DIDP (di-isodecylftalaat), beter bekend onder de naam DOP (dioctylftalaat). Wegens zijn uitgebreide toepassing is dit één van de meest onderzochte chemische substanties. Ftalaten worden onder andere gebruikt in PVC voor voedselverpakking en medische apparatuur.  Meer details zijn te vinden op www.phthalates.com.

3. Pigmenten

Door toevoeging van pigmenten kan men kunststoffen bekomen in vrijwel alle kleuren. Veel traditionele pigmenten voor kunststoffen bevatten chroom, maar ook organische kleurstoffen worden gebruikt. Sommige pigmenten zijn toxisch (vooral deze met zware metalen) en daarom vormt nationale en internationale wetgeving de basis voor het gebruik ervan.

Bij normaal gebruik of door weersomstandigheden komen zij niet vrij uit het PVC.

4. Vulstoffen

Vulstoffen worden gebruikt om de kostprijs te verlagen, de weerstand tegen vuur te vergroten en bepaalde fysische eigenschappen te versterken. De meest gebruikte vulstoffen zijn krijt, talk en dolomiet.

5. Vlamvertragers

Hard PVC is van nature reeds vlamvertragend. Aan zacht PVC worden vaak vlamvertragers toegevoegd omdat door de toevoeging van weekmakers de brandbaarheid verhoogt.

Hoewel de weerstand tegen brand van PVC over het algemeen groter is dan deze van andere kunststoffen, kan de toevoeging van bepaalde vlamvertragers zoals metaaloxiden deze weerstand nog verder verhogen.

De toevoeging van deze metaaloxiden is oorzaak van bezorgdheid omdat de vrijgave van toxische gassen bij een brand verhoogd worden. Dit moet echter afgewogen worden tegen de verhoogde weerstand tegen brand en langere ontsnappingstijd.

6. Andere additieven

Afhankelijk van het toepassingsgebied kunnen nog andere hulpstoffen in geringe hoeveelheid worden toegevoegd zoals:

Zo kan door de juiste menging het gewenste eindproduct bekomen worden.